Kwetsbaar

Vorige week moest een leerlinge uit mijn klas nablijven. Het was opvallend dat ze brutaler was dan anders en dat ik haar steeds moest waarschuwen. Bij mij is nablijven overigens nooit voor straf, maar ik zet het in als tijd voor een goed gesprek. Dit was ook vorige week het geval.

Ik vroeg aan het meisje wat er aan de hand was. Ik kreeg een harde ‘Niks’ terug. Vervolgens verstopte zij zich in haar trui. Toen ik vroeg of ze wilde praten, antwoordde ze met: ‘Nee’. Ondanks haar antwoord ben ik gaan praten.

‘Lieve schat, ik denk dat ik wel weet wat er met je aan de hand is. Je hebt twee gezichten. Wanneer je iets niet snapt, vind je het moeilijk om om hulp te vragen, je gaat dan je werk ontwijken, je gaat lopen, loopt de klas uit en gaat kletsen. Een hele makkelijke uitweg, want zo hoef je nooit echt te laten zien aan de klas wat je wel en niet kan. Op het moment dat iets lukt, laat jij je lieve en zachte kant zien. Wanneer je gaat helpen bij de kleuters ben je zorgzaam. Je strikt hun veters en ritst hun jassen dicht. Als jij dan vervolgens jarig bent en je gaat de klassen rond, dan vinden de kleuters het leuk om voor je te zingen. Je vindt dit leuk en je geniet ervan. Ook laat je me wekelijks met veel trots filmpjes zien van je katten, waar je heel zorgzaam mee omgaat. Eigenlijk ben je heel lief, maar laat je een stoere kant zien vanuit onzekerheid’

Wanneer ik stop met praten, zie ik op de plaats van haar ogen, twee natte vlekken in haar trui verschijnen. ‘Vind je dat ik gelijk heb?’ vraag ik. Verlegen knikt ze. ‘Zou je dit misschien met de klas willen bespreken?’ Weer knikt ze. Ze zegt: ‘Ik wil het wel aan de klas vertellen, maar ik durf dit niet zelf. Wilt u dat doen?’ Ik antwoord dat ik het goed vind, maar dat ik als voorwaarde eis, dat zij wel in de klas aanwezig is.

De volgende dag vertel ik haar verhaal anoniem aan de klas. Ik vraag: ‘Wie is er ook wel eens onzeker?’ ‘Wie vindt het ook moeilijk om vragen te stellen en fouten te maken?’ Bij beide vragen gaan een aantal vingers de lucht in. Het meisje ziet dit. Langzaamaan zie ik haar houding openen. Dan vraag ik: ‘Wat vinden jullie hier eigenlijk van?’ In de antwoorden van de verschillende kinderen hoor ik terug dat ze het erg vinden dat iemand niet zichzelf durft te zijn. Dan vraag ik: ‘Zou degene over wie dit verhaal gaat eens op willen staan?’ Even gebeurt er niks, dan staat het meisje op. Sommige kinderen geven aan verwacht te hebben dat het om haar zou gaan. Andere kinderen reageren verbaasd. Ik vraag of de klas haar wat opstekers kan geven. ‘Juf ik vind haar heel aardig en gezellig en ik kan goed met haar samenwerken.’ ‘Ik vind dat ze heel lief is en dat je altijd alles aan haar kunt vertellen.’ Tot slot antwoord een van de jongens in mijn klas: ‘Het klinkt misschien raar, ik ben een jongen, maar als ik met haar ben, heb ik het gevoel dat ze me begrijpt. Ze weet hoe jongens zijn en doet alle dingen die jongens leuk vinden. Ik vind dat leuk.’ Ik bedank de klas voor de mooie opstekers die ze geven.

Aan het eind van de dag vraag ik aan het meisje of ze het fijn vond. Ze knikt. Ook vertel ik haar dat ik denk dat het nodig is, dat ze iemand heeft waarmee ze kan praten om haar onzekerheid te bespreken. ‘Vind je het goed als we een afspraak met je ouders plannen?’ Weer stemt zij in. Ik schrijf in mijn agenda dat ik haar ouders op de hoogte moet gaan brengen. Ik ben blij dat ze zich zo kwetsbaar heeft opgesteld. Ik denk dat dit haar zeker een stap verder zal helpen. Om verder te komen, moet je oude patronen doorbreken. Dit was haar eerste stap.

‘Old ways, won’t open new doors’

One comment

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s