Ongewenst blond

Als klein meisje werd ik geboren met prachtige licht blonde haartjes. Toen ik een jaar of twee was vormde mijn haar zich in krullen. Als ik kijk naar foto’s van toen was ik net een engeltje. Grote blauwe ogen en een bos met blonde krullen.

Helaas waren die krullen toen ik vier was alweer verdwenen en gedurende de basisschool vond mijn moeder het kapsel boblijn met pony ‘lekker vlot’ en moest ik het daar maar mee doen. Natuurlijk wilde ik lang haar net als alle meisjes, maar mijn moeder zei als we naar de kapper gingen altijd: ‘Knip het maar lekker kort en de ogen goed vrij…’ Met andere woorden; ik wil niet dat haar ogen verdwijnen achter haar haar. Het scheen ook praktisch te zijn… Ik kon het op school dan allemaal beter zien. Ofzo…

Gelukkig mocht ik na groep acht naar het Lyceum. Een Havo/Vwo brugklas. Ik kreeg eindelijk wat meer vrijheid. De baby boblijn en pony die ik in de brugklas nog had, verdwenen in de tweede. Ik zat in een Atheneum klas en in mijn klas zaten veel skaters en gothics. Dat was toen in. Mijn haar ging omhoog in twee staarten en een paarse en roze hair extension mochten niet ontbreken.

Eigenlijk wilde ik graag mijn haar roze of blauw verven óf knalrood. Net als de meiden in mijn klas. Maar mijn moeder hield voet bij stuk. ‘Verven is slecht voor je haar!’ zei ze. Dus deed ik dat niet.

Na het Atheneum ging ik terug naar de Havo. De wiskunde, scheikunde en natuurkunde waren echt niet mijn ding, en op die vakken haalde ik het niet om over te gaan. In Havo 5 werd ik wat rebelser. Als een echte daredevil knipte ik rigoureus mijn haar kort. Er waren meer meiden die dat deden. Dit resulteerde in dat ik naar mijn eindgala ging met kort haar met een grote blauwe bloem erin.

Op de pabo ging ik weer van een boblijn naar lang haar én ik liet weer een pony knippen. De ene keer was de pony scheef als een soort lok, daarna weer recht en stoer. Ook begon ik toen mijn haar te verven. Dit kwam door vriendinnen. Toen ik op kamers woonde verfden we elkaars haar. Blond, kastanje bruin, chocolade bruin en weer blond.

Dat blond heb ik heel lang vastgehouden, tot ik in Den Haag kwam wonen. En dat resulteerde in, na jaren met blond haar te hebben rondgelopen, dat ik een aversie heb ontwikkelt voor blond haar bij mezelf. ‘Nooit meer!’ beloofde ik mezelf.

Elke keer verf ik mijn haar weer donker. Niet iedereen vind dit mooi. Toen ik deze transformatie voor het eerst onderging, kreeg ik van een invaljuf op mijn werk te horen: ‘Tsja, ik ken je natuurlijk niet. Dit bruin misstaat je ook niet, maar ik denk dat ik blond toch leuker vond’. Omdat zij destijds de enige was die dit zei, besloot ik deze opmerking te negeren.

Maar toen ik deze zomer op vakantie ging, werd ik opeens ongewenst blond. Ja, je leest het goed. Ongewenst blond. Het bestaat. In mijn woordenboek is de omschrijving:

Iemand die houdt van bruin haar bij zichzelf en waarbij de haarkleur door zon, zeewater en zwembadwater, tegen de wil van de persoon in, transformeert naar blond.

Dat is dus precies wat mij overkwam. Eenmaal in Nederland, was mijn kapper op vakantie. Ik moest dus wachten tot hij terug was, voor ik mijn haar weer kon verven. In de sportschool kreeg ik de opmerking: ‘Hé wat leuk, je bent er weer… Huh, heb je je haar geverfd?’ Ik kon alleen maar mompelen: ‘Was het maar zo…’

Maar vandaag, na vier weken als ongewenste blondine te hebben rondgelopen, had mijn kapper tijd om mijn haar weer prachtig bruin te verven. Zoals een vriendin vroeger altijd tegen me zei: ‘Brunettes are better!’ Nouja, het staat me in ieder geval beter. En ik kan weer met een gerust ‘hoofd’ over straat.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s